Als ouder voel je je verantwoordelijk voor de veiligheid van je kind. Omdat gevaar soms in een klein hoekje zit, probeer je overal aan te denken. Daarom helpen we je een handje met een aantal praktische tips voor kinderen van alle leeftijden.

0-3 maanden

Je baby is niet in staat om zelf mogelijke gevaren te herkennen. Door een aantal eenvoudige voorzorgsmaatregelen te treffen, voorkom je dat je de kleine 24 uur per dag als een havik in de gaten moet houden. Een slaapomgeving die de kans op wiegendood beperkt en veilig in bad gaan, zijn zomaar twee voorbeelden van zulke maatregelen. Daarnaast is er nog een aantal zaken waar je aan kunt denken:

  • Kleed je baby alleen in kleertjes met een knoopsluiting en haal losse koordjes weg
  • Zet een wipstoeltje altijd op de grond en niet op de tafel of de bank
  • Laat je kind nóóit alleen op het aankleedkussen liggen
  • Als je toch even weg moet, leg je hem in bed, in de box of desnoods op de grond, zodat hij niet kan vallen

Veilig reizen

Je wilt je kindje natuurlijk graag in de auto meenemen. Het is belangrijk dat je een goedgekeurd kinderstoeltje aanschaft als je kindje kleiner is dan 1,35 meter en jonger dan drie jaar. Kinderzitjes met het ECE-keurmerk zijn goedgekeurd. Vervoer je kindje in ieder geval tot een jaar tegen de rijrichting in, dat is het veiligst. Als de passagiersstoel een airbag heeft, mag je het babykinderstoeltje niet tegen de rijrichting in op de voorstoel plaatsen. Schakel de airbag uit of plaats het zitje op de achterbank. Wil je je kindje graag zien tijdens het rijden? Koop een speciaal spiegeltje dat je aan de achteruitkijkspiegel kunt bevestigen.

3-6 maanden

Je kind is inmiddels een stuk beweeglijker aan het worden. Ook al kruipt je kind nog niet, hij grijpt naar alles wat in zijn buurt komt. En wat hij te pakken krijgt, probeert hij meteen in zijn mond te stoppen. Een paar tips:

  • Houd snoeren, elektrische apparaten en kleine voorwerpen uit de buurt van je kind, van het ledikant en van de box
  • Draag je kind niet bij je als je hete koffie of thee drinkt en wanneer je aan het koken bent

 

6-9 maanden

Rollen en tijgeren. Je kind blijft nu echt niet meer op de plek waar je hem neerzet. Bewegen is goed voor ‘m, maar gevaren liggen overal op de loer. Losse snoeren, een tafelkleed, planten, kleingeld; alles is enorm interessant. De volgende aanpassingen kosten wat werk (probeer dit uit te voeren voordat je kind zich gaat verplaatsen), maar geven wel een gerust gevoel:

  • Kindersloten op de kasten en laden met drank, medicijnen, schoonmaakmiddelen en scherpe voorwerpen
  • Kindveilige stopcontacten op plaatsen die makkelijk bereikbaar zijn voor je kleine
  • Traphekjes boven en onderaan elke trap in huis
  • Losse snoeren wegwerken achter de plinten
  • Giftige planten verwijderen uit je huis en tuin

Rustpunt

Een belangrijk onderdeel in de woonkamer is de box. De box is een veilige plek, waar je kind tot rust kan komen van zijn ontdekkingsreis door het huis. Hij kan er rustig spelen en jij hebt je handen vrij om andere dingen te doen. Leg niet de hele box vol speelgoed. Je kind moet zich lekker kunnen bewegen. Denk eraan om op tijd de bodem van de box omlaag te zetten. Voor je het weet trekt je kind zich op en slaat het een been over de rand.

9-12 maanden


Kijk eens rond in je woonkamer. Naar al die leuke snuisterijen op de salontafel en die mooie vazen, planten en beelden op de vensterbank. Nou, je kind ziet ze ook! Nadat je eerst de hele grond kindveilig hebt gemaakt, is het nu tijd om tot 1,5 meter hoogte alles onder de loep te nemen. Ook buiten moet je er rekening mee houden dat je kind steeds mobieler wordt. Kijk dus uit voor die drukke straat en voor water.

Volhouden

Je kind luistert op deze leeftijd absoluut niet naar je, wanneer je hem iets verbiedt. Toch is het goed om dit wel te doen. Duidelijk ‘nee’ zeggen en zijn hand weghalen van de plek des onheils zijn zomaar twee dingen waar hij aan moeten wennen. Nu snapt hij nog niet wat je van hem wilt, maar over een paar maanden weet hij dat wel. Alleen is de kans groot dat hij je dan lachend aankijkt en het tóch doet. Blijven volhouden. Ter geruststelling: hij kan prima in de box als je geen tijd hebt om hem door het hele huis achterna te zitten.

Veilig reizen

Als je kindje goed zelfstandig kan zitten en tussen de negen en achttien kilo weegt, kun je het best kiezen voor een kinderautostoel. Deze autostoeltjes hebben vaak meerdere standen en je kunt het stoeltje gewoon met de rijrichting mee plaatsen. Zet het zitje met de autogordel of een ISOFIX-bevestiging vast en zorg dat het hoofd van je kindje voldoende steun krijgt. Het hoofdje mag niet op de rand van de rugleuning van het stoeltje leunen of er bovenuit steken. Vervang het stoeltje altijd als je een botsing hebt gehad.

1-1,5 jaar


Je huis is inmiddels zo goed mogelijk aangepast en beveiligd voor je kind. Maar je kind wordt ook sterker en sneller, dus kasten aan de muur verankeren is geen overdreven bezorgdheid. Buiten het huis valt er ook nog het een en ander te beveiligen:

  • Het kinderslot op het autoportier kan erop
  • Op je fiets is je kind het veiligst met een helm op
  • De prachtig aangelegde vijver in je tuin kun je beter voor een paar jaar veranderen in een zandbak
  • Een paar grote raamstickers op de glazen achterdeur herinneren je kind eraan dat hij niet zomaar vanuit de tuin naar binnen kan rennen
  • Slofjes met antislipzolen voorkomt een bloedneus en een tand door de lip bij een glijpartij op een gladde vloer.

2-3 jaar


Ondanks alle maatregelen heb je de ogen in je achterhoofd hard nodig, want je peuter is in alle opzichten grensverleggend bezig. Hij klimt inmiddels ook op stoelen en opstapjes, dus echt gevaarlijke spullen kun je beter niet meer alleen hoog, maar ook achter slot en grendel zetten. Een goed slot op de voordeur en achterdeur voorkomt dat je kind het huis verlaat. Gelukkig leert hij nu wel dingen begrijpen die je hem uitlegt, bijvoorbeeld dat het fornuis heet is en hij daar niet aan mag komen.

3-4 jaar


Je kind speelt en ontdekt er lustig op los. En aan jou de zware taak om te voorkomen dat hij hierbij iets breekt, kneust of beschadigt. Of niet? Overbezorgdheid en je kind alles verbieden kunnen hem in zijn ontwikkeling belemmeren. Bovendien leert hij soms beter van zichzelf dan van jou. Jij kunt twintig keer zeggen dat hij niet te hard mag rennen. Maar hij zal waarschijnlijk pas afremmen, nadat hij een keer flink onderuit is gegaan. Ook al lijkt je kind steeds verstandiger te worden, houd alle veiligheidsaanpassingen die je in je huis hebt gedaan nog maar even aan. Ook jouw kind kan immers compleet onvoorspelbare acties uitvoeren.

Veilig reizen

Jonge kinderen, kleiner dan 1,35 meter en jonger dan drie jaar, vervoer je in de auto in een goedgekeurd kinderstoeltje. Maar als je kind tussen de 15 en 36 kilo weegt, kun je een zittingverhoger gebruiken. Je kind kan dan de normale autogordel dragen, want dankzij de zittingverhoger loopt de gordel niet langs de hals, maar over de schouder. Een zittingverhoger met (afneembare) rugleuning geeft een betere zithouding en biedt betere bescherming.